José is begin vijftig als ze een depressie krijgt. Verschillende opnamen en behandelingen in instellingen en medicatie slaan niet aan. Na 2,5 jaar wordt er aan een andere psychiater om een second opinion gevraagd, en die raadt haar ECT-therapie aan. José wil meer aandacht voor de therapie: 'Als het bij mij eerder was aangeboden, was ik misschien niet zo lang in behandeling geweest.'
 

'Mijn man heeft in juli 2010 een aorta-dissectie en een hersenbloeding gehad, waar hij erg ziek van is geweest. Hij is vaak geopereerd, en vijf maanden van huis geweest. In die periode ben ik blijven werken en het huishouden blijven doen. Dat ging toen wel redelijk', vertelt José.

'Mijn lichaam wilde gewoon niet meer'

Haar man komt na vijf maanden thuis. José: 'Na een jaar kwam de uitputtingsdepressie. Ik kon niet meer eten, niet meer drinken, mijn lichaam wilde gewoon niet meer en ik was veel afgevallen. Ik vond zelf niet dat ik depressief was, maar anderen noemden dat wel zo.'

José wordt vier maanden opgenomen in een PAAZ in een ziekenhuis. Daar gaat ze verder achteruit en ontwikkelt ook een angststoornis. 'Toen werd ik opgenomen in een ggz-instelling, en daar ben ik uiteindelijk negentien maanden geweest. Gedurende deze opname van twee jaar heb ik veel verschillende medicatie gehad met veel bijwerkingen. Met medicatie mocht ik uiteindelijk naar huis, met de opmerking: "we denken dat het thuis wel beter gaat", maar dat ging het niet.'

Second opinion

Na vijf maanden volgt de second opinion. De psychiater die haar onderzoekt zegt dat ze een goede kandidaat is voor ECT-therapie. En zo geschiedt: José gaat naar UZGent, een groot ziekenhuis met psychiatrische afdeling, vooral gericht op angst- en stemmingsstoornissen. En daar blijkt dat José in aanmerking komt voor de therapie.

José: 'Je wordt in een bed naar een soort slaapkamer gereden. Daar krijg je een infuus, en op de OK wordt je onder narcose gebracht. Dan krijg je een bitje in je mond, en spierverslappers toegediend. Ze plakken elektroden op je hoofd. Die worden een tot anderhalve minuut aangezet, en dan wordt er een soort epileptische aanval opgewekt. Je krijgt eigenlijk een soort shock. Het ziet er niet zo prettig uit, maar je merkt er zelf niks van.'

Over ECT-therapie

ECT wordt ook wel elektroshocktherapie genoemd. Bij de behandeling worden via kleine stroomstoten een soort epileptische aanval opgewekt. ECT wordt vooral toegepast bij mensen met een ernstige depressie, die onvoldoende verbeterd zijn tijdens behandeling met antidepressiva. Er zijn bijwerkingen: hoofdpijn, spierpijn, misselijkheid en verwardheid. Na meerdere sessies kunnen ook geheugenstoornissen optreden. (Bron: de Hersenstichting)

De behandeling krijgt José twee keer per week, meestal op maandag en donderdag. 'Na vijf keer voelde ik me zelf niet zo anders, maar mijn man en familie kregen een beetje door dat ik weer wat meer "op de wereld was", ik was weer iets meer geïnteresseerd in dingen. Daarvoor was ik helemaal afgevlakt, en dat kwam nu een beetje terug.'

'Weer een heel eind mezelf'

Na een keer of acht merkt ze zelf ook een verbetering. 'Ik zat in een groep met ongeveer twintig mensen, daar eet je samen mee, en heb je verschillende soorten therapie mee. Ik voelde me toen iets meer thuis in die groep.' Van de twintig mensen op José's afdeling kwamen er een stuk of vijf, net als José, in aanmerking voor ECT.

Na 21 sessies, en vier maanden 'opname' is José naar eigen zeggen 'weer een heel eind mezelf'. Nadat ze ontslagen is gaat ze nog een paar keer op controle. Bij een terugval kun je dan nog een keer ECT-therapie krijgen, maar dat is voor José niet nodig. Van de mensen in haar groep van deze vijf personen is José wel de enige bij wie de ECT-therapie heeft geholpen.

'Eerder bespreken'

José: 'Je leest heel vaak dat het als laatste redmiddel gezien wordt. Daar ben ik het niet mee eens. Als je al zo lang in een depressie zit, dan zouden ze het in ieder geval eerder moeten bespreken en overwegen, dan kun je zelf beslissen of je het wil. Het is ook niet voor alle depressies mogelijk, en het werkt dus ook niet bij iedereen.'

'Als het bij mij eerder was aangeboden, was ik misschien niet zo lang in behandeling geweest', vervolgt José. 'Ik ben mijn werk verloren, vrienden en mijn man en kinderen zijn zolang machteloos geweest.' Bovendien heeft José door de vele medicatie parkinsonisme. 'Dat is iets anders dan parkinson', legt José uit, 'ik heb last van stijfheid in mijn lichaam, en tremoren.'

Maar, ECT-therapie heeft ook bijwerkingen, zo kan het zijn dat je geheugenverlies krijgt. José: 'dat gebeurt wel, maar ik heb het niet gehad. Het kan ook dat het heel goed gaat, zoals bij mij'. En het gaat nog steeds goed met José en haar man: 'we genieten van het leven nu'.