Werknemers zaten vorig jaar in totaal opnieuw iets langer ziek thuis dan het jaar ervoor. Het ziekteverzuim onder werknemers van bedrijven en de overheid steeg van 4,3 procent in 2018 tot 4,4 procent vorig jaar. Dat betekent dat van elke duizend te werken dagen, er in 2019 44 wegens ziekte werden verzuimd. In 2014 bedroeg het ziekteverzuim nog 3,8 procent.

Vanaf 2014 is het ziekteverzuim in vrijwel alle bedrijfstakken toegenomen. Alleen in de financiƫle dienstverlening was sprake van een afname, tot 2,7 procent, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) maandag.

Verzuim in gezondheidszorg 'bovengemiddeld hoog'

In de gezondheidszorg en bij waterbedrijven en afvalbeheer werd het meeste verzuimd, met beide 5,7 procent. Het verzuim in de gezondheidszorg is al jaren bovengemiddeld hoog, vooral onder werknemers in verpleeg- en bejaardenhuizen. Daar werd op de duizend werkdagen 71 dagen niet gewerkt vanwege ziekte.

Ook bij de overheid (5,5 procent), de industrie (5,4 procent), vervoer en opslag (5,1 procent) en onderwijs (5,0 procent) lag het ziekteverzuim vorig jaar boven het gemiddelde. De horeca kent traditioneel het minste verzuim door ziekte. Vorig jaar was het verzuim echter voor het eerst het laagst in de landbouw, met 2,6 procent, met vlak daarna de horeca.

Volgens de meest recente cijfers hierover, uit 2018, had van de werknemers die ziek thuis bleven 44,1 procent griep of verkoudheidsklachten bij het laatste verzuim. In 2014 was dat nog 40,2 procent. Ook psychische klachten, overspannenheid of burn-out werden in 2018 vaker genoemd: 7,2 procent, tegenover 5,7 procent in 2014. Werknemers die verzuimen met psychische klachten blijven het grootste aantal dagen thuis. In 2018 verzuimden werknemers met dit soort klachten bij het laatste verzuim gemiddeld 59 werkdagen. Met een klacht aan het hart of vaatstelsel verbleven zieke werknemers gemiddeld 47 dagen thuis. Bij griep of verkoudheid was dat 3 werkdagen, en bij het totaal van alle klachten 14 werkdagen.

Bron: ANP