Als het aan de VVD ligt, moeten alle medewerkers in de thuiszorg beschikken over een basisniveau Nederlands. Een thuiszorgmedewerker kan dan ook nakijken en doorgeven of het goed gaat met een kwetsbare oudere of zieke. 

Van de ruim 146.000 thuiszorgmedewerkers hebben 24.000 mensen een migratieachtergrond, blijkt uit cijfers van het CBS. Hoewel gemeenten in hun eisenpakket hebben opgenomen dat huishoudelijk medewerkers in de thuiszorg Nederlands moeten spreken, bestaat er officieel geen taaleis. Bij verpleging en persoonlijke verzorging is dit wél geregeld. 

Keurmerk voor Nederlandssprekende thuiszorgorganisatie

VVD'er Antoinette Laan ziet een keurmerk als oplossing voor het waarborgen van Nederlandssprekende thuiszorgmedewerkers. Laan: 'Binnen deze thuiszorgorganisatie spreekt iedere medewerker Nederlands'. Dan weten cliënten of gemeenten waar ze aan toe zijn als dat predicaat ontbreekt, en kunnen ze voor een andere partij kiezen.'

Cliënten met migratieachtergrond

De organisatie van zorgondernemers, ActiZ, is het eens met de opvatting dat het een vereiste is dat je als thuiszorgmedewerker goed moet kunnen communiceren met je cliënten, maar ze draait het ook om. 'Soms is het juist prettig dat cliënten met een migratieachtergrond in het Arabisch kunnen worden aangesproken. We zien bij bedrijven die mensen uit Spanje of Portugal halen, dat deze mensen als eerste wat Nederlands wordt bijgebracht. Zo kunnen ze cliënten ook helpen met de dagelijkse dingen in het leven', aldus de woordvoerder van ActiZ.

Bron: AD