De kans dat het coronavirus SARS-CoV-2 mensen infecteert via fijne zwevende aerosoldruppeltjes in kleine, niet-geventileerde ruimtes is normaal gesproken te verwaarlozen. Maar die kan toenemen als de besmette persoon een ongewoon hoge hoeveelheid virussen uitscheidt, of als mensen urenlang in een ongeventileerde ruimte samenzijn.

Dat blijkt volgens het NRC uit een studie die is uitgevoerd door onderzoekers van het RIVM. Daarin modelleerden de wetenschappers het blootstellingsrisico door deze fijne druppels na ademen, praten, hoesten en niezen in een ongeventileerde bus en een grotere niet-geventileerde ruimte.

RIVM over overdracht coronavirus via aerosolen

'De overdracht via aerosolen is niet de belangrijkste besmettingsroute, maar kan soms wel voor problemen zorgen', zegt Erwin Duizer, viroloog bij het RIVM en een van de auteurs van het artikel, dat zondag op de pre-printserver medRxiv verscheen. 'Dat past bij wat we nu zien: heel af en toe zijn er situaties waar anderhalve meter afstand houden niet voldoende lijkt.'

Het RIVM is er tot nog toe altijd van uitgegaan dat het coronavirus zich vooral via grote druppels verspreidt. Vandaar het algemene advies om anderhalve meter afstand te houden tot anderen. Ook volgens de nieuwe inzichten is de kans op besmetting via kleine druppeltjes meestal zeer klein. Maar naarmate meer virusdeeltjes worden uitgestoten en in de lucht blijven hangen, stijgt het risico hoogstwaarschijnlijk. De onderzoekers signaleren dat er steeds meer bewijs is dat erop duidt dat het coronavirus zich binnenshuis via de lucht verspreidt.

Sommige coronapatiënten hebben veel meer virusdeeltjes in zich

De RIVM-wetenschappers ontdekten dat sommige coronapatiënten veel meer virusdeeltjes in hun neus- en keelslijm hebben dan anderen. Ze kwamen daar achter door de virusconcentratie te meten op wattenstaafjes van besmette mensen. De helft bleek minder dan honderdduizend virusdeeltjes per milliliter te bevatten, maar bij vijf procent van de geïnfecteerden zijn dat naar schatting honderd miljoen virusdeeltjes.

Daarnaast hebben de onderzoekers in een rekenmodel bepaald hoeveel kleine druppeltjes in de lucht komen in verschillende situaties. Anders dan grote druppels kunnen kleine druppeltjes een tijdje in de lucht blijven hangen, hoe lang precies hangt af van de mate van ventilatie. De onderzoekers schrijven dat de meeste aerosolen vrijkomen wanneer iemand niest. Daarna volgen hoesten, praten en ademen. 

RIVM roept op tot voorzichtigheid

Belangrijke openstaande vragen zijn nog hoeveel van de virusdeeltjes in de lucht daadwerkelijk besmettelijk zijn én welke dosis leidt tot besmetting. De wetenschappers van het RIVM raden in het algemeen aan 'voorzichtig te zijn' zolang dit onbekend is.

Bron: ANP/ ANP MediaWatch / NRC