Bijna één op de vijf Nederlanders kampt in zijn leven met een angst- of paniekstoornis. Dit blijkt uit nieuw onderzoek, meldt het AD. Om deze angsten bespreekbaar te maken, begint het ministerie van VWS dinsdag een campagne.

Van de Nederlanders met angsten vindt ruim de helft het moeilijk om hierover te praten met vrienden en familie. Twee derde heeft dit ook bij collega's. Mensen met angsten willen anderen er niet mee belasten, zijn bang niet serieus genomen te worden, vinden hun klachten niet erg genoeg, schamen zich of denken het zelf op te kunnen lossen.

Lees ook: Paniekaanval: wat is het en wat moet je doen?

Mensen die constateren dat een ander last heeft van angsten durven dat vaak niet aan de orde te stellen, blijkt uit de enquête, uitgevoerd door PanelWizard in opdracht van het ministerie van VWS. Ruim 40 procent van de mensen houdt bewust zijn mond. Ruim de helft twijfelt om het ter sprake te brengen, uit angst dat iemand dat als onprettig zal ervaren.

Campagne Hey! Het is oké

Omdat mensen bang zijn om over hun angststoornis te praten, is staatssecretaris Paul Blokhuis (Volksgezondheid) een campagne begonnen.

Een peiling in opdracht van Blokhuis' ministerie duidt erop dat mensen met angststoornissen als pleinvrees en faalangst daarvan minder last hebben als ze erover praten. Dat levert onder andere meer begrip van familie en vrienden op.

Gesprek met vrienden is eerste stap

Met de campagne Hey! Het is oké, maak het bespreekbaar hoopt de staatssecretaris 'het taboe te doorbreken. Een gesprek met vrienden, familie of je werkgever kan een stap zijn naar de juiste hulp.'

Voor de campagne zijn T-shirts gedrukt met de Latijnse namen van angststoornissen. Die mysterieuze woorden moeten de nieuwsgierigheid prikkelen en zo een gesprek op gang brengen. Door zo'n T-shirt te dragen, komt iemand met een angststoornis ook met zijn angst voor de dag, is het idee.

Bron: ANP MediaWatch / Algemeen Dagblad / ANP