Een groot deel van de Nederlandse coronapatiënten is behandeld met de omstreden malariamedicijnen chloroquine en hydroxychloroquine, maar niemand is aan de bijwerkingen ervan overleden. Dat zegt Mark de Boer, internist-infectioloog bij het Leids Universitair Medisch, tegen het AD.

Als voorzitter van de Stichting Werkgroep Antibioticabeleid (SWAB) adviseerde hij begin maart ziekenhuizen beide middelen bij de behandeling van coronapatiënten. De Boer denkt dat 'bijna elk ziekenhuis' dat advies heeft opgevolgd. Volgens de krant heeft mogelijk 70 tot 90 procent van de coronapatiënten een malariamedicijn gehad.

Middelen werken niet tegen coronavirus

Uit recente onderzoeken blijkt dat de middelen niet werken tegen het coronavirus. Begin deze maand is het advies daarom ingetrokken. 'We weten inmiddels dat het niks doet en het heeft misschien ook bijwerkingen', zegt De Boer. Maar volgens hem is niemand aan de mogelijk bijwerkingen ervan, zoals hart-, lever- en nierproblemen, overleden.

Hoopten op minder doden

'We wisten niet precies wat het in de mens deed, maar we hoopten op minder doden, minder ic-opnames of ten minste sneller herstel', aldus De Boer. 'We hebben nadrukkelijk instructie gegeven om alle patiënten te monitoren, door middel van hartfilmpjes. Als een patiënt dreigde te verslechteren, kon er onmiddellijk worden ingegrepen.'

Nog steeds gebruikt

Volgens het AD zijn er momenteel zo'n tien ziekenhuizen die de malariamedicijnen nog steeds gebruiken vanwege een studie naar de werking van de twee middelen. 'Je kunt je ook afvragen of het nog ethisch is om dit in studieverband nog steeds toe te dienen', stelt De Boer.

Bron: ANP