Cardiologen van het Catharina Ziekenhuis zijn er als eerste ter wereld in geslaagd om het hart plaatselijk te koelen tijdens een hartinfarct. Door voor en na het dotteren een speciale koelvloeistof toe te dienen, blijft de schade van het infarct mogelijk beperkt.

Volgens het ziekenhuis blijkt uit de test dat de methode veilig en technisch haalbaar is. De cardiologen verwachten dat de nieuwe methode leidt tot een betere kwaliteit van leven voor patiënten die al een hartinfarct hebben gehad.

Koelen voorkomt zwelling

Cardioloog Luuk Otterspoor, die op dit onderzoek promoveert, vergelijkt de nieuwe methode met het koelen van een knie na een botsing op het sportveld. 'Doordat er dan direct een ontstekingsreactie op gang komt, gaat de knie zwellen. Daarom worden, om deze zwelling te voorkomen, de spieren vaak direct gekoeld.' Volgens Otterspoor kun je hetzelfde principe toepassen op de hartspier. Door het getroffen gebied te koelen, ontstaat er na het herstellen van de doorgang minder schade aan de hartspier. 'We denken dat hierdoor de uiteindelijke grootte van het hartinfarct en de schade aan de hartspier met twintig tot dertig procent verminderd kan worden.'

Opzwellend hart drukt eigen haarvaten dicht

Bij een acuut hartinfarct dreigt een deel van het hartspierweefsel af te sterven. Om die reden dotteren artsen de vernauwing zo snel mogelijk. Maar zodra het bloed weer gaat stromen, zwellen de hartcellen op en drukt het hart haar eigen haarvaten dicht. Dit zorgt voor onherstelbare schade. Volgens Otterspoor proberen de cardiologen deze vervolgschade nu te beperken door te koelen. In eerdere internationale onderzoeken is al aangetoond dat het koelen van het hart bij dieren werkt, maar het was nog niet eerder mogelijk om de techniek toe te passen bij mensen.

Vervolgonderzoek

Het onderzoek wordt nu uitgebreid naar zes grote Europese hartcentra. In die ziekenhuizen ondergaan de komende tijd honderd patiënten de nieuwe behandeling. Otterspoor verwacht over drie jaar harde cijfers te hebben over de gezondheidswinst van de nieuwe werkwijze.

Bron: Catharina Ziekenhuis