Gescheiden ouders gaan vaker verder van elkaar af wonen zodra ze een nieuwe partner vinden, blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Waarop moet je als ouder letten als je gaat scheiden? Zorgnu spreekt met Kenniscentrum Kind en Scheiding.

Uit cijfers van het CBS blijkt dat de meeste ouders die scheiden in de jaren daarna vaak dicht bij elkaar blijven wonen. Zodra er een nieuwe partner is, gaan ze echter vaker verder weg wonen.
 

Onderzoek CBS

Driekwart van de gescheiden ouders woont minder dan 10 kilometer van elkaar vandaan, blijkt uit cijfers van 2018. Onderzoekers hebben bekeken waar ouders vier jaar na de scheiding wonen. Ze zijn in die jaren wel wat verder uit elkaar gaan wonen.


Volgens het Kenniscentrum Kind en Scheiding kan het ingewikkeld zijn als een ouder een partner krijgt aan de andere kant van het land. 'Ons advies is: blijf zo dicht mogelijk bij elkaar in de buurt'. Een kind kan dan makkelijker even de andere ouder bezoeken om iets te vertellen, bijvoorbeeld om een rapport te laten zien, of als er een tand uit is.

Behoorlijke impact op sociale leven kind

Als het niet lukt om bij elkaar in de buurt te blijven wonen, bijvoorbeeld omdat de nieuwe partner ook nog kinderen heeft uit een eerdere relatie, dan moet je over een aantal zaken goed nadenken.

'Het kan namelijk een behoorlijke impact hebben op het sociale leven van een kind. Denk bijvoorbeeld aan sportwedstrijden in het weekend, hoe ga je dat doen als het kind om het weekend bij de andere ouder is? Of als er een verjaardagspartijtje wordt georganiseerd, maar het kind is net op dat moment bij de andere ouder?' Bovenal is het advies van het kenniscentrum: blijf goed met elkaar communiceren, en maak duidelijke afspraken.

'Een kind is flexibel en kan veel hebben', aldus het kenniscentrum. Bekijk wel steeds het ouderplan: is het nodig dat aan te passen? 'Bij iedere ontwikkelfase kan het zijn dat het kind vragen gaat stellen: als een kind naar school gaat, en bij andere kinderen ziet dat de ouders nog wel samen zijn. Of als het kind naar de brugklas gaat, en ziet dat schoolgenoten op één plek wonen, terwijl zij steeds de boeken moeten meeslepen.'