Advocaat John Beer (Beer advocaten) heeft strafrechtelijk aangifte gedaan tegen Johnson & Johnson. Die fabrikant bracht bekkenbodemmatjes op de markt die bij vele vrouwen voor grote gezondheidsklachten hebben gezorgd. Beer deed de aangifte namens zijn cliënt Maria Smit. Beer zegt in de uitzending van Radar: 'We moeten vaststellen dat een farmaceutisch bedrijf willens en wetens een onveilig product op de markt heeft gebracht.'

In Amerika heeft de rechter iets meer dan een week geleden Johnson & Johnson veroordeeld tot het betalen van een boete van 344 miljoen dollar. Dat is een juridische doorbraak voor vrouwen die slachtoffer zijn geworden van bekkenbodemmatjes.

Radar over bekkenbodemmatjes en implantaten

Het AVROTROS-programma Radar besteedt al jarenlang aandacht aan problemen rondom de bekkenbodemmatjes. Radar 'verzon' een bekkenbodemmatje dat gemaakt is van een mandarijnennetje. Hiermee toonde het programma aan dat de goedkeuring van medische implantaten voor de Europese markt een farce is. Ook in een speciale documentaire in 2018, The Implant Files, kwamen de matjes aan de orde. Kijk The Implant Files terug.

Smit: 'Het enige dat telt, is dat de matjes de wereld uitgaan'

Maria Smit kreeg twaalf jaar geleden een bekkenbodemmatje. Na die ingreep veranderde haar leven totaal: ze kreeg enorme pijn- en slaapklachten en moest veel van haar dagelijkse bezigheden opgeven. Smit: 'Ik wil al tien jaar lang aangifte doen, maar dat werd mij steeds door iedereen ontraden. Nu, na twaalf jaar, lijkt het mij een goed moment.'

Smit: 'Het enige dat telt, is dat de matjes de wereld uitgaan. Alles wat ik kan doen om dat voor elkaar te krijgen, doe ik. Ik wil dat andere vrouwen niet geconfronteerd worden met dit soort operaties, ook zodat de medische wereld zich kan concentreren op mensen die nu de matten in hun lijf hebben. Vrouwen die al een matje hebben en daar klachten van hebben willen maar één ding: beter worden. Maar dát kan niet. En dus vind ik ook dat zij recht hebben op een emotionele en financiële schadevergoeding.'

Smit besluit: 'Ik kan niet tegen onrecht, en toen mij dit overkwam dacht ik: dit is onrecht. Ik moet hier iets mee doen. En anno 2020 heb ik in ieder geval mijn aangifte gedaan, en dat is toch een aanzet om een einde te maken aan dit onrecht.'