Naar welke bloedgroep is de meeste vraag? Hoe gaat bloed doneren in zijn werk? En waarom word je in Nederland niet betaald als je bloed doneert? Dokters van Morgen spreekt met Peter Ligthart (onderzoeker) en met Marloes Metaal (woordvoerder) van Sanquin Bloedvoorziening.

Let op: dit is deel 3 uit een reeks over bloedgroepen en bloed doneren. Lees ook de andere delen:

Naar welke bloedgroep is de meeste vraag?

'Bloedgroep O, Rhesus D negatief (in de volksmond O negatief, afgekort  O RhD) is de bloedgroep die in nood aan bijna alle patienten veilig gegeven kan worden', legt Ligthart uit. Mensen met bloedgroep O RhD negatief kunnen alleen bloed ontvangen van hun eigen bloedgroep. De bloedgroep komt bij zeven procent van de bevolking voor. 'Als we kijken naar welke bloedgroep wordt gebruikt in ziekenhuizen, dan is dat bij sommige ziekenhuizen twintig procent bloedgroep O RhD negatief', vertelt Ligthart.

Mensen met een 'zeldzame' bloedgroep melden zich vaker uit zichzelf bij de bloedbank. Maar juist ook naar de 'algemene' bloedgroep is veel vraag, vertelt Ligthart. 'Bedenk: als iemand bekneld zit onder een vrachtwagen en artsen zijn bang dat iemand veel bloed verliest, dan kan ter plekke al een bloedtransfusie plaatsvinden met bloedgroep O RhD negatief. Zo kunnen de artsen iemand in leven houden. Eenmaal in het ziekenhuis krijgt iemand dan wel bloed met zijn eigen bloedgroep'. 

Wie mogen er bloed doneren?

Metaal: 'Er zijn een aantal voorwaarden. We zijn in eerste instantie verantwoordelijk voor veilig en gezond bloed voor patiënten, maar we zijn ook verantwoordelijk voor de gezondheid van de donors. Die moeten er geen nadeel van hebben'.

Vrouwen mogen drie keer per jaar bloed doneren, mannen vijf keer per jaar. Bloed doneren mag niet als je lichter bent dan vijftig kilo, en het is ook niet verstandig bloed te doneren als je je niet helemaal fit voelt.
De vragenlijst die een donor krijgt, is om zowel de ontvanger als de donor te beschermen. Ligthart: 'We willen niet meer bloed afnemen dan prettig is voor de donor, en we willen ook een veilig product afleveren voor de ontvanger. Het kan voorkomen dat de donor iets heeft opgelopen, wat nog niet terug te vinden is in het bloed. Als je bijvoorbeeld bij de tandarts bent geweest, kan het zijn dat er een bacterie in je bloedbaan terecht is gekomen. Mensen met een verzwakt afweersysteem kunnen daar misschien wel ziek van worden'.

Bij Sanquin vind je meer informatie en meer voorwaarden waar bloeddonoren aan moeten voldoen.

In sommige landen krijgen bloeddonoren betaald, waarom in Nederland niet?

'In Nederland is het niet toegestaan donoren te betalen voor hun bloed. Als Sanquin zijn we verantwoordelijk voor veilig en gezond bloed voor patiënten. Dat bereiken we door gedoneerd bloed te testen, maar ook door donoren voor hun donatie vragen te stellen over hun gezondheid. Het is belangrijk dat donors geen reden hebben om iets te verzwijgen in de vragenlijst die iemand voorafgaand moet invullen', vertelt Metaal. 

Om die reden komt het ook niet zo vaak voor dat familieleden bloed aan elkaar geven. 'Als een familielid ziek is, en je krijgt de vraag: wil je bloed doneren? Dan kom je onder grote druk te staan, en je moet antwoord geven op gezondheidsvragen, die soms behoorlijk privé kunnen zijn'. Toch komt het weleens voor dat een familielid bloed doneert, in de zeldzame gevallen als het gaat om een bloedgroep die erg weinig voorkomt.

Waarom zou je dan bloed doneren?

Metaal: 'Omdat het heel hard nodig is. En zo kan je goed doen voor een ander, terwijl  het jou alleen maar een beetje tijd kost. Veel mensen vinden het daarnaast gezellig om te doen, of hebben van dichtbij gezien hoe belangrijk het is dat er voldoende en veilig bloed voorhanden is. We proberen bij Sanquin ook om zoveel mogelijk van de verhalen van de ontvangers terug te koppelen naar de donoren, zodat zij weten waar ze het voor doen'.