De exotische tijgermug, die ook wel eens in Nederland gevonden wordt, zou ziektes zoals malaria en het zikavirus overbrengen. Ron Beekman van het Rijksinstituut Volksgezondheid en Milieu (RIVM) legt uit of we zenuwachtig moeten worden.

Wilfred Reinhold van het platform Stop Invasieve Exoten reageerde op dit artikel. We hebben deze reactie voorgelegd aan Beekman van het RIVM en aan de hand daarvan enkele wijzigingen in het artikel aangebracht.

Hoe komt de tijgermug Nederland binnen?

'De tijgermug komt voornamelijk via de autobandenhandel ons land binnen. In het land van herkomst staat er al een laagje water in de banden. Alle muggensoorten zijn gek op stilstaand water: daar leggen ze eitjes in. Wanneer de autobanden hier aankomen, zijn de eitjes uitgekomen tot tijgermuggen.'

Volgens Reinhold is het belangrijk te vermelden dat de eitjes van de tijgermug ook maandenlang kunnen overleven op droge autobanden. Zo kunnen de eitjes, ondanks het verbod op de import van autobanden waar water in staat, toch Nederland binnenkomen. Autobanden zijn volgens Reinhold niet de enige producten waar muggeneitjes ons land mee binnenreizen: ook het kamerplantje Lucky Bamboo neemt regelmatig eitjes mee.

Lees meer: Dennenprocessierups: reden tot paniek?

Gaat de tijgermug zich ook vestigen in ons land?

'Dat is nog moeilijk te zeggen. Als de temperaturen de komende jaren stijgen, kan dat zomaar wel zo zijn. De Nederlandse Voedsel- en Waren Autoriteit houdt er tijdens de onderzoeken alvast rekening mee.'

Reinhold merkt op dat in een onderzoek van het RIVM uit 2008 staat dat de tijgermug kan overleven in de Nederlandse winters.

Draagt elke tijgermug gevaarlijke ziektes met zich mee?

In de eerdere versie van dit artikel staat onterecht aangegeven dat de tijgermug het malariavirus kan overdragen. Zowel Beekman als Reinhold geven aan dat de tijgermug malaria niet kan overbrengen.

Daarnaast stond er dat de tijgermug alleen virussen met zich meedraagt wanneer er eerst een besmet persoon gestoken wordt. Reinhold stelt dat het knokkelkoortsvirus, ook wel dengue genoemd, door tijgermuggen kan worden overgedragen op het nageslacht en er dus niet eerst een besmet persoon gestoken hoeft te worden. Beekman beaamt dit. Hoe groot de kans is op een met knokkelkoorts besmette tijgermug in Nederland, kan het RIVM niet zeggen.

De overige genoemde virussen, zikakoorts en Chikangunya, kunnen wel alleen overgedragen worden als er eerst een besmet persoon gestoken is. De kans om een van deze virussen te krijgen van een tijgermug in Nederland is daarmee dus nihil.

Hoe kun je een tijgermug herkennen?

'Dat is voor een leek ontzettend moeilijk. De verschillen met andere muggensoorten zijn met het blote oog bijna niet te zien. Wat wel opvalt: de tijgermug is vrij klein. Veel kleiner dan de gemiddelde Nederlandse muggensoort.'

Lees meer: Muggenbult jeukt: wat kun je doen?

In welke vakantielanden komt de tijgermug voor en hoe kun je je ertegen beschermen?

'Het is belangrijk dat je je bewust bent van de aanwezigheid van de tijgermug in onder andere Zuidoost-Azië en Zuid-Amerika. De afgelopen tijd loopt het aantal besmettingen met voornamelijk knokkelkoorts snel op. Tegen knokkelkoorts kun je je niet preventief laten inenten. Wat helpt om de tijgermug af te weren, is DEET smeren en slapen onder een muskietennet of klamboe. In tegenstelling tot de Nederlandse muggensoorten steekt de tijgermug ook overdag. Draag dus lange kleding. Laat je goed informeren voor je vertrekt, bijvoorbeeld bij de GGD of het Ministerie van Buitenlandse Zaken.'

Reinhold vindt dat ook Zuid-Europa noemenswaardig is als risicogebied. Hij stelt dat daar de afgelopen jaren enkele grote uitbraken van onder andere het Chikungunyavirus plaatsvonden.

Het advies is daarom, zoals Beekman al stelde, om voorafgaand aan je reis voor de zekerheid even te checken bij de GGD of het Ministerie van Buitenlandse Zaken wat je moet doen.

Moeten we bang zijn voor invasieve exotische insectensoorten? Zorg.nu behandelt elke week een insect dat vaak in het nieuws verschijnt.

Lees meer: Reuzenteek: reden tot paniek?

Bron: Ron Beekman / RIVM