Scholen en crèches zijn dicht, ouders zijn meer thuis dan normaal en bezoekjes aan opa’s en oma’s worden afgezegd. Hoe leg je uit aan kleine kinderen wat er aan de hand is? Ontwikkelingspsycholoog Steven Pont: 'Houd het simpel en beantwoord vragen op het niveau van het kind'.

'Mijn eigen kinderen zijn wat ouder, maar ik raad aan om uit te leggen dat we allemaal wel eens ziek zijn geweest. En nu is er een nieuwe ziekte en die kennen we nog niet zo goed. Je kan het vergelijken met een nieuwe leerling in je klas. Eerst kijken we allemaal even wat voor type het is en we leren ermee omgaan: Wat vindt de nieuwe klasgenoot leuk en wat niet? Dat doen we nu ook met de nieuwe ziekte. We weten er nog niet zoveel van, de dokters snappen het ook nog niet zo goed en daarom komen we even niet dichtbij anderen'. Volgens Pont is het makkelijker voor het kind, als je met je uitleg aansluit bij de belevingswereld van kinderen.

'Leg het rustig uit'

De leeftijd waarop je uitleg gaat geven over corona hoeft hierin niet leidend te zijn: 'Het ene kind moet je op vierjarige leeftijd heel vaak hetzelfde uitleggen, doe dat dan ook rustig. Het andere kind pakt het sneller op. In het algemeen kan je zeggen dat kinderen vanaf een jaar of zeven een hoger abstractieniveau aankunnen. Ze zetten dan de knuffel in de hoek en het geloof in sinterklaas neemt af. Vanaf dan wordt het steeds makkelijker om dingen uit te leggen'. Bij jongere kinderen is het belangrijk om vooral de vragen te beantwoorden die kinderen zelf stellen. 'We mogen niet bij opa en oma op bezoek, maar opa en oma willen dat ook liever niet, omdat we de ziekte nog niet goed kennen zijn we heel voorzichtig met in de buurt komen van anderen. Belangrijk: Maak het allemaal niet te ingewikkeld.'

Mochten kinderen angsten ontwikkelen of bang zijn ziek te worden dan kan je ze geruststellen volgens Pont: 'Je kan gewoon zeggen dat kinderen niet ziek worden, misschien een beetje verkouden, maar dat vooral grote of oudere mensen worden ziek. Als een kind zegt bang te zijn, vraag dan vooral waar het bang voor is. Sus niet gelijk met woorden als "bang zijn is niet nodig"'.

Houd structuur in de dag en in de week

Tone of voice is altijd van belang, maak het niet te zwaar en zorg dat je taalgebruik aansluit bij de leeftijd en het taalvermogen van het kind: 'Sommige kinderen hebben een hoog adaptief vermogen, anderen willen het drie keer uitgelegd krijgen. Doe dat vooral'.

Nog een tip van Pont: Behoud structuur. 'Probeer een goed onderscheid te maken tussen week en weekend door (indien mogelijk) niet in het weekend te werken. Probeer ook dagelijkse structuren te hanteren. Doe je dat niet dan ontstaat er chaos, daar gedijen kinderen over het algemeen niet goed bij.'