Allergieën behoren tot de meest voorkomende chronische ziekten. Zowel de ernst als het aantal mensen met een allergie is de laatste decennia fors toegenomen. Dan gaat het om hooikoorts en huisdierenallergie, maar ook om allergische reacties op allerlei soorten voedsel als pinda, noten, eiwit en koemelk. Ouders zijn daardoor vaak geneigd hun kinderen pas op wat latere leeftijd deze voedingsmiddelen te geven. En dat is precies wat je niet zou moeten doen.

Door baby's al vroeg met deze voedingsmiddelen kennis te laten maken, ontwikkelen ze een tolerantie tegen deze stoffen. Ons immuunsysteem bouwt die tolerantie vooral op als we tussen de 4 en 8 maanden zijn. Dat betekent dat we kinderen het beste al vanaf 4 maanden al pinda’s, melk en eieren kunnen geven. Dan lopen ze een kleinere kans dat ze later allergisch worden voor deze voedingsmiddelen.
 
Dit is inmiddels ook het officiële standpunt van de Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde.
 
Bij het Allergiecentrum in het Diakonessenhuis in Utrecht zijn ze gespecialiseerd in het vroeg opsporen en behandelen van allergieën. Allergieën gaan vaak samen met het voorkomen van astma en eczeem. Daarom werken in het Allergiecentrum in Utrecht diverse medisch specialisten nauw samen. Ouders en kinderen krijgen snel duidelijkheid ten aanzien van de beste behandeling. Daarbij wordt het hele gezin betrokken en is veel aandacht voor preventie, voorlichting en zelfzorg.

Hoe ontstaat een pinda-allergie?

Wat kun je thuis doen?

De Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde heeft een schema ontwikkeld met daarin adviezen om en hoe pinda's te geven aan baby's. Doe dit in overleg met een behandelaar.

Pinda-allergie voorkomen: Bekijk het schema

Bron: Diakonessenhuis Utrecht